
Wilde gagel
Myrica gale
Kies een maat
Wilde gagel (Myrica gale) is een oorspronkelijk inheemse, aromatisch geurende struik van natte heide, veengrond, moerasranden, waterkanten, natte duinvalleien en open moerasbossen. De struik heeft glanzend donkerbruine takken en grijsgroene bladeren met geurige harsklieren. In april en mei bloeit Wilde gagel met kleine katjes, vaak nog voordat het blad volledig is uitgelopen. De soort groeit het best op vochtige tot natte, zure tot zwak zure, venige en voedselarme tot matig voedselrijke grond. Wilde gagel past goed in natuurtuinen met natte bodem, moerasranden, venachtige oevers, heidetuinen, veentuinen en natuurlijke struwelen.
Jaarkalender
| Jan | Feb | Mrt | Apr | Mei | Jun | Jul | Aug | Sep | Okt | Nov | Dec | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
πΈBloeit | ||||||||||||
πLevert nectar | ||||||||||||
πVruchtdragend | ||||||||||||
πHerfstkleur |
Snoeiperiode
| Jan | Feb | Mrt | Apr | Mei | Jun | Jul | Aug | Sep | Okt | Nov | Dec | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| βοΈ Snoeiperiode |
Wilde gagel heeft weinig snoei nodig. Snoei licht in de late winter of het vroege voorjaar om dode, oude of te lange takken te verwijderen. Sterke verjongingssnoei liever gefaseerd uitvoeren.
Botanisch dossier
Standplaats & bodem
Uiterlijk & seizoen
Eigenschappen
Ecologische waarde
Voedselweb & Biodiversiteit
Wilde gagel is vooral waardevol als aromatische struik voor natte, zure en veenachtige standplaatsen. De soort geeft structuur aan moerasranden, natte heide en natuurlijke oevers, maar is geen belangrijke nectarplant.
Verspreiding in Nederland
Kaart laden...